
(zondag 2 maart bij Mattheus 6, 5 t/m 9 en Openbaringen 3, 20)
‘Ik leer je mijn weg’
Dat is de laatste regel van het lied dat we net zongen.
Nadat de leerlingen over Jezus hun vragen hadden gedeeld
‘wie hij toch is’ in de eerste vier coupletten , geeft hij in het laatste couplet antwoord:
hij gaat waar hij gaan kan en zoekt reisgenoten!
En als je niet weet wat hij voor je betekenen kan:
wees niet bang… hij leert je zijn weg!
Op onze geloofsweg leerden we al ‘ergens ooit’ het Onze Vader.
Het gebed dat Jezus meegaf als ‘houvast’ om God te zoeken.
Het Onze Vader kan zo diep ‘ergens’ in ons huizen, en ging en gaat met ons z’n weg.
Een gemeentelid die in een dementieproces was beland, was
verstild geraakt.
In het contact betekende dit, dat de communicatie heel beperkt was geworden. Het gebeurde dat toen zijn steun en toeverlaat,
zijn vrouw, plotseling was opgenomen in het ziekenhuis, hij ontheemd was.
Het moeizame gesprek dat we toen hadden eindigde ik met enkele gebedswoorden en het Onze Vader. Ik nam als vanzelf zijn hand, en het raakte me diep hoe hij vanaf de inzet ‘Onze Vader’ alles als vanzelf mee bad.
Zo werden we in dit stille gesprek door dit gebed gedragen, en waren we even samen in deze ‘donkere nacht’.
We zijn ons meestal niet zo bewust dat het Onze Vader in ons geheugen staat gegrift. Je bidt het mogelijk automatisch mee.
Wat zeggen de woorden je dan?
Iedere zondag in de kerk: het is ook een ritueel. Waar je veel of minder de waarde aan beleeft.
Raakt het zo niet sleets, je staat er niet echt meer bij stil!
Het kan ook verrassend anders gaan.
De Vlaamse schrijfster Kristien Hemmerechts vertelt in een interview dat ze ongeveer zestien jaar oud was toen ze niet meer naar de kerk ging: ‘alles beklemde me aan de kerk, aan het geloof, aan ‘godsdienst. Ik moest het van me afschudden om te kunnen ademen.’
Het bijzondere is, dat deze vrijgevochten vrouw die alle kerkelijkheid graag losliet, tegenwoordig op zaterdagavond naar de Engelstalige mis in de kathedraal van Antwerpen gaat: Ze zegt: ‘Het Onzevader zeg en zing ik met volle overtuiging, en zelfs uit volle borst’.
Daar is wel een leven met veel vragen en ervaringen aan vooraf gegaan. Alleen al de plotselinge dood van haar partner, de dichter Herman de Koning, speelt daarin mee.
Geloven of je geloof uiten, is niet vanzelfsprekend.
En dat herkent u misschien ook wel: als het leven anders loopt dan we gedacht hebben, dan beseffen we dat we daarvoor niet geleerd hebben. Dan staan we met lege handen.
Dan blijft vooal de onzekerheid.
Want het leven is meer onverwacht dan wat er te voorspellen is. We kunnen daaraan lijden.
Niet alleen persoonlijk en fysiek of zij die ons lief zijn, maar ook door die grote onoplosbare vragen van deze tijd zoals klimaatverandering, machtsdenken in de wereld, de schijnbaar onoplosbare vredesvragen: wat we niet beheersen kunnen, daar hebben we grote moeite mee.
Wat moeten we met onze onzekerheid?
Ook omdat we het heil niet meer van iets of iemand anders verwachten? ‘Dat God om ons geeft is voor het grootste deel weg in ons land, in het hele westen.’
Het gaat dan schrijft Mattheus over ‘Onze Vader in de verborgenheid’
‘Ik leer je mijn weg’
Als Jezus in het begin van het Mattheus evangelie zijn boodschap in de Bergrede aan zijn leerlingen doorgeeft, is hij in een wonderlijk gebied.
Let op: niet in de tempel, niet in de synagoge, niet in een achterkamer met vertrouwde bekenden, maar in woestijnachtig rotsgebied met een grote groep ‘ongeregeld’.
Het moeten vooral mensen geweest zijn die op zoek waren naar hem en zijn leerweg in alles wat ze fysiek en geestelijk nodig hadden.
Dat weten we omdat ze hem volgden naar dat afgelegen berglandschap. ‘Het land achter Gods rug’ zoals dit gebied wel genoemd werd.
Daar geeft hij hen de kern van wat hij zeggen wil.
Dat het gaat om een leven in het spoor van de wet en de profeten. ‘Leef daaruit en wil je dat kunnen volhouden: keer je in. Zoek God, zoek jezelf, zoek wie naast je is.‘
Dat is bijvoorbeeld dat je gebed niet uit veel woorden of uiterlijk vertoon hoort te bestaan.
Maar richt je in je huis met de deur dicht tot je Vader, die in het verborgene is. En die vader die in het verborgene ziet, zal je geven wat je nodig hebt..
Het gebed, als hart van het leven met Christus, komt van binnenuit. Het is het voedsel voor ons innerlijk, voor onze ziel.
We kunnen vandaag de dag van alles scannen, maar niet onze ziel!
Zorgen voor je ziel is ontdekken wat je hart sneller doet kloppen. Ontdekken en onderscheiden wat je openheid voor God geeft: het luisteren in plaats van meteen spreken.
Je openen voor de schoonheid van het leven in de natuur, de muziek en kunst, de ander, de Bijbelse verhalen die je dichter bij de waarheid brengen.
Liefde en genade ontvangen, ook door je gebed, en het Onze Vader.
Wat mijn hart vandaag voor dit gebed het hardste doet kloppen, is alvast het eerste woord: onze.
Onze Vader staat er: het is geen individueel gebed.
Het is voor ons samen, al kun je het natuurlijk ook in jezelf bidden.
‘Onze’ betekent hier: als gemeente vanmorgen bij elkaar.
Maar dit onze betekent ook dat als jijzelf niet bidden kunt, anderen het hier vanmorgen voor je doen.
We vertrouwen ons in dit gebed aan elkaar toe.
Maar ook jij met wie je lief is, in familie- en vriendenkring. Onze betekent Sleeuwijk.
Onze betekent Nederland… Europa.
Onze in dit gebed betekent: de goede aarde die we samen mogen bewonen en bewerken.
En dat is in deze tijd waarin individualisme en, zoals het lijkt,
daarmee afnemende verbondenheid toenemen, een groot goed.
Daarin staan we hier in het samen geloof, duiding en inspiratie oefenen dwars op onze cultuur.
De kerk, deze gemeente, is een oefenplaats van de hoop, en het Onze Vader is daarin ons kompas.
In het Onze Vader worden hemel en aarde bij elkaar gebracht.
Zo komt het woord ‘ons’ er maar liefst zes keer in voor!
Alles wat van belang is voor het verbond tussen God en ons staat in dit ene gebed. Nergens in het Onze Vader worden de woordjes ik, mij of mijn gebruikt!
Het is steeds: onze, ons, wij en anderen (onze schuldenaren).
Door ‘Onze Vader’ te bidden, verbinden we ons direct met anderen. (Anders dan via ‘tiktok’ of ‘twitter’, waarin je alleen maar een boodschap uitzendt zonder dialoog of gesprek.)
Deze God is niet privé verkrijgbaar.
We worden door dit gebed in liefde verbonden met wie naast ons is, dichtbij en veraf.
Het gebed maakt ons lotgenoot en verbondsgenoot.
We worden uit onze bubbels gehaald.
Onze God is geen stam-god of het bezit van alleen christenen.
Voor gelovigen zijn grenzen van weinig belang.
Paulus schreef dat al: ‘In Christus bestaat er geen jood of heiden geen man of vrouw, geen slaaf of vrije’. Christelijke gemeenschap gaat over grenzen heen.
‘want als je alleen geeft om mensen die om jou geven, wat voor bijzonders doe je dan? ‘vraagt Jezus.
In het eerste deel van het Onze Vader stellen we onze antenne als het ware af op God: niet wat ik wil, maar wat U wilt.
In het tweede deel vragen we Gods hulp bij vier grote uitdagingen om samenleven en gemeenschap mogelijk te maken:
- ieder mens voldoende te eten om te kunnen leven;
- elkaar vasthouden en elkaar vergeven als we falen naar elkaar;
- dat we de moed niet verliezen en het er niet bij laten zitten, als we boven onze krachten beproefd worden;
- en dat we niet mee gezogen worden in de aantrekkingskracht van het kwade en kiezen voor ons kortzichtig eigen belang.
Dat koninkrijk van God gaat dus kennelijk over zulke concrete dingen!
Genoeg om over na te denken dus: mag en kan God mij inschakelen als instrument in zijn wereld?
Hoe ver reiken de kringen waar ik om geef?
Niemand kan de hele wereld op z’n nek nemen, iedereen is beperkt in tijd en bewegingsruimte.
Maar toch: wie gaan mij ter harte? Aan wie denk ik? Voor wie bid ik?
Met wie neem ik daadwerkelijk contact? Voor wie en wat kan ik er daadwerkelijk zijn?
Vanmorgen is dit een tipje van de sluier. Een inkijkje.
Ieder hier heeft eigen vragen en vertrouwen.
Wat is het mooi als dan het ‘onze’ gebeurt, en we elkaar helpen om daar met vallen en opstaan
uit te geloven en leven..
Ik leer je mijn weg..
Tot slot: wat Kristien Hemmerechts vertelt over haar weg: ‘het was toen ik naar de kerk ging alsof iemand heel hard op mijn schouder tikte.-. Surrender. Overgave.
Het klinkt een beetje als het oude woord van roeping,
dat je geroepen wordt. Ik gebruik dat woord niet graag, omdat ik denk dat ofwel niemand ofwel iedereen geroepen wordt.
Het is niet dat God op een dag besloot nu eens die Hemmerechts te roepen. De priester van de kathedraal kwam met een mooi citaat uit het Bijbelboek Openbaringen,
waarin staat: ‘Ik sta voor de deur en ik klop aan. Als iemand mijn stem hoort, en de deur opent, zal Ik binnenkomen en wij zullen samen eten, Ik met hem en hij met mij.’
Ik denk dat dat de essentie is: het is er, maar je moet het toelaten.’
In het Onze Vader worden we vastgehouden,
keert het licht zich naar ons toe,
roept God ons tevoorschijn tot kinderen van zijn licht…
- het interview met Kristien Hemmerechts stond in Trouw, bijlage 28 september j.l. tekst Stevo Akkerman
- ik werd o.a. geinspireerd door een interview met Erik Borgman in ‘Het Klooster’, najaar 2024
Voor de Iona regiogroep Noord Brabant is de contactpersoon mw.Willie Verhoef.
De eerst volgende bijeenkomst is op 6 april a.s.
Voor informatie: willieverhoefwitte@gmail.com